U bent hier: Home / Nieuws / Luchtkwaliteit in België in 2019: enkele voorlopige cijfers

Luchtkwaliteit in België in 2019: enkele voorlopige cijfers

Fijn stof

Voor het zesde jaar op rij wordt de Europese daggrenswaarde voor fijn stof (PM10) gehaald in Vlaanderen en Brussel. De Europese daggrens voor fijn stof bedraagt 50 µg/m³ (daggemiddelde concentratie). Deze grens mag niet meer dan 35 dagen overschreden worden.
In Wallonië wordt de daggrens voor het vijfde jaar op rij gerespecteerd. Op de meeste plaatsen (56 van de 76) werden er minder (of hetzelfde aantal) overschrijdingen gemeten dan in 2018, op 18 meetplaatsen waren er meer overschrijdingsdagen.

De Europese jaargrenswaarden voor PM10 (40 µg/m³) en PM2.5 (25 µg/m³) worden op alle meetplaatsen gerespecteerd. PM10 is fijn stof met een diameter kleiner dan 10 micrometer. PM2.5 is de nog kleinere fractie met een diameter van 2.5 micrometer.

Over een langere periode (sinds 2000) zijn zowel de jaargemiddelde concentraties als het aantal dagoverschrijdingen gevoelig gedaald. Tussen 2015 en 2018 was er een stagnatie. In 2019 daalden de jaargemiddelde fijnstofconcentraties (PM2.5) opnieuw. Of dit een trendbreuk is zal moeten blijken de volgende jaren.

Opvallend waren de (zeer) lage fijnstofconcentraties in de maanden september en oktober. Dat wordt geïllustreerd in de onderstaande figuur waar de maandgemiddelde concentraties op basis van de metingen in 4 stedelijke achtergrondmeetplaatsen (Gent, Antwerpen, Brussel en Charleroi) worden getoond: de fijnstofconcentraties tijdens de maanden september en oktober 2019 waren sinds de start van de fijnstofmetingen nooit zo laag. De jaargemiddelde concentratie van fijn stof (PM2.5) in deze 4 steden bedroeg in 2019 (data tot 28/12) 12.1 µg/m³. 10 jaar geleden, in 2009, was dit nog 20.0 µg/m³.

De Europese grenswaarden voor fijn stof worden dus al een aantal jaren gerespecteerd. De strengere gezondheidsadvieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO), vooral de dagadvieswaarden, worden op de meeste plaatsen in België wel overschreden.

Tabel met overschrijdingen fijn stof: https://www.irceline.be/nl/luchtkwaliteit/metingen/fijnstof/overschrijdingen

Stikstofdioxide (NO2)

De (langzame) daling van de NO2 concentraties zet zich ook in 2019 door: de jaargemiddelde NO2 daalde in de automatische meetstations gemiddeld met 5 tot 10% t.o.v. 2018. De Europese jaargrenswaarde voor NO2 van 40 µg/m³  (eveneens de advieswaarde van de WGO) werd op geen enkele meetplaats, die voldoet aan de inplantingsvoorwaarden zoals opgelegd door de Europese richtlijn 2008/50, meer overschreden.

Op plaatsen die niet voldoen aan de inplantingsvoorwaarden volgens richtlijn 2008/50, waren er nog overschrijdingen in de Belliardstraat en aan het kruispunt Kunst-Wet in Brussel en in het meetstations langs de ring (R1) te Antwerpen.  De metingen op deze meetplaatsen zijn representatief voor de onmiddellijke omgeving rond het meetstation, maar zijn niet representatief voor de globale blootstelling van de Brusselse of Antwerpse bevolking waardoor ze volgens richtlijn 2008/50 niet gebruikt worden voor de beoordeling van de luchtkwaliteit.

In “streetcanyons” (straten omgeven  door hoge bebouwing) in de grote steden en langs drukke verkeerswegen wordt de Europese NO2 jaar grenswaarde van 40 µg/m³ met hoge waarschijnlijkheid wel nog op verschillende plaatsen overschreden. In Antwerpen en Gent worden op een aantal van deze plaatsen ook met “passieve samplers” metingen uitgevoerd. Met passieve samplers kan de tweeweekse gemiddelde NO2 concentratie gemeten worden. De meetresultaten hiervoor zijn echter nog niet voor het ganse jaar beschikbaar omdat het geen automatische metingen betreft. Er worden ook hoge ruimtelijke resolutiemodellen ingezet om de luchtkwaliteit te beoordelen op plaatsen waar niet gemeten wordt. Modelresultaten voor 2019 zijn beschikbaar in het voorjaar van 2020.

De daling van de NO2 concentraties en de daarmee samenhangende vermindering van het aantal overschrijdingen van de Europese jaargrenswaarde heeft te maken met de (versnelde) shift van diesel naar benzine (en andere motortypes). Dieselwagens stoten in realistische rijomstandigheden veel meer stikstofoxiden uit dan wettelijk toegelaten (dieselgate). De laatste generatie dieselmotoren die moeten voldoen aan de EURO-6d-temp uitstootnorm stoten in realistische rijomstandigheden ook gevoelig minder stikstofoxiden uit.

In de onderstaande figuur wordt het verloop getoond van de NO2 concentraties in 4 steden (gemiddelde meetstations Gent, Antwerpen, Brussel en Charleroi) tussen 2009 en 2019.

 

Tabel met overschrijdingen NO2: https://www.irceline.be/nl/luchtkwaliteit/metingen/stikstofdioxide/overschrijdingen

Ozon (O3)

Er waren 9 ozondagen in 2019. Een ozondag is een dag met op minstens één meetplaats in België een overschrijding van de Europese ozoninformatiedrempel van 180 µg/m³. De alarmdrempel van 240 µg/m³ werd op één dag (26 juli) overschreden op één meetplaats.

De ozondagen in 2019 kwamen voor in de maanden juni, juli en augustus. In juni waren er twee ozondagen op 26 en 29 juni. In juli was er een ozonsmogepisode met vier opeenvolgende dagen tussen 23 en 26 juli en in augustus drie opeenvolgende dagen tussen 25 en 27 augustus.

In 2018 waren er 10 ozondagen in België. In de (zeer) warme zomers van 2003 en 2006 werden respectievelijk 16 en 22 ozondagen genoteerd. In 2003 werd de alarmdrempel van 240 µg/m³ op 7 dagen op minstens één meetplaats overschreden.

De zomer van 2019 was warm met 3 hittegolven en behoorde tot de 3 warmste en tevens ook zonnigste zomers sinds 1981 (zie https://www.meteo.be/nl/klimaat/klimatologisch-overzicht/2019/zomer ). Toch waren er minder ozondagen dan wat op basis van deze ongunstige meteorologische omstandigheden werd verwacht. De verklaring hiervoor is de daling van de uitstoot van stikstofoxiden (NOx) en vluchtige organische componenten (VOC) de laatste decennia. Hierdoor neemt het aantal ozondagen bij vergelijkbare (en zelfs ongunstigere) meteorologische omstandigheden af.

De ozonstreefwaarde voor de bescherming van de gezondheid van de mens (EU richtlijn 2008/50) is 120 µg/m³ als hoogste 8-uurgemiddelde van een dag. Deze streefwaarde mag, gemiddeld over een periode van 3 jaar, niet meer dan 25 dagen overschreden worden. Ondanks het feit dat er in 2019 op geen enkele meetplaats op meer dan 25 dagen meer dan 120 µg/m³ als hoogste 8-uurgemiddelde van een dag werd gemeten, wordt de Europese streefwaarde (gemiddeld over 3 jaar) toch overschreden op 3 meetplaatsen (Dessel, Bree en Aarschot). Dit komt door het (zeer) hoge aantal overschrijdingen in 2018 waardoor het 3-jaarsgemiddelde (periode 2017, 2018 en 2019) toch hoger is dan 25.

Tabel met aantal ozondagen per maand sinds 1979: https://www.irceline.be/nl/luchtkwaliteit/metingen/ozon/historiek/ozondagen/overzicht-sinds-1979/view

Meer info

Dit overzicht geeft op basis van de (nog niet volledig gevalideerde) meetresultaten van fijn stof, stikstofdioxide en ozon een eerste (beperkte) analyse van de luchtkwaliteit in 2019. Een uitgebreide bespreking van de luchtkwaliteit in 2019 zal beschikbaar zijn in de loop van 2020. Ook de drie gewesten publiceren dan jaarrapporten met meer informatie, ook voor andere dan de hierboven beschreven polluenten.

Meer info over de trends van luchtvervuiling in België, zie jaarrapport luchtkwaliteit in België 2018: http://www.irceline.be/nl/documentatie/publicaties/jaarrapporten/jaarrapport-luchtkwaliteit-in-belgie-2018/view

Het laatste VMM jaarrapport lucht in Vlaanderen: https://www.vmm.be/publicaties/lucht-2019

Navigatie